Als materialen als bedoeld in
artikel 3, eerste lid, onder a, van het besluit worden aangewezen:
a. kunststoffen;
b. papier en karton;
c. rubberproducten;
d. metalen;
e. glas en glaskeramiek;
f. keramische materialen en emails;
g. textielproducten;
h. folie van geregenereerde cellulose;
i. hout en kurk;
j. deklagen;
k. kleurstoffen en pigmenten;
l. epoxypolymeren.