1. In de periode met ingang van 1 oktober 2014 tot en met de dag waarop de totale tariefruimte, bedoeld in
artikel 14 van de Postregeling 2009, voor 2015 is bepaald, bestaat de tariefruimte van de universele postdienst voor 2015 in afwijking van de
artikelen 14 tot en met 15 van de Postregeling 2009, uit het totaal van de vermenigvuldiging van:
a. de tariefruimte die volgt uit de artikelen 17 tot en met 17b van de Postregeling 2009 zoals die luidde voor inwerkingtreding van deze regeling, met
b. de aanvullende tariefruimte die wordt berekend overeenkomstig onderdeel B van bijlage 3, met dien verstande dat de Autoriteit Consument en Markt de factor k en de rendementscorrectie berekent aan de hand van de gegevens in de financiële verantwoording van 2013.
2. In de periode, bedoeld in het eerste lid, geldt voorts dat:
a. de verlener van de universele postdienst in afwijking van de artikelen 15 en 16 van de Postregeling 2009, de tarieven, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Postregeling 2009, voor 2015 uiterlijk op 1 november 2014 ter toetsing voorlegt aan de Autoriteit Consument en Markt, en
b. de Autoriteit Consument en Markt toetst of de gemiddelde omzet per eenheid volume, berekend overeenkomstig artikel 15 van de Postregeling 2009, het maximaal gemiddeld tarief op basis van de overeenkomstig het eerste lid berekende tariefruimte niet overschrijdt.