BWBR0033715
Geldig vanaf 2014-01-06
Artikel 3.23
Wet basisregistratie personen
1. Het college van burgemeester en wethouders doet op schriftelijk verzoek van de betrokkene, indien op grond van het verzoek, bedoeld in de artikelen 2.57en 2.58, een besluit als bedoeld in artikel 2.60, dan wel de uitspraak van de rechter, bedoeld in artikel 2.61, ten aanzien van hem gegevens zijn verbeterd, aangevuld of verwijderd, van de wijziging mededeling aan overheidsorganen en derden aan wie gedurende twintig jaren voorafgaand aan het verzoek en in de sedert dat verzoek verstreken tijd, de desbetreffende gegevens zijn verstrekt, tenzij dit onmogelijk blijkt of een onevenredige inspanning kost.
2. Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, kan de betrokkene aan het college richten tot uiterlijk acht weken nadat hij van de wijziging kennis heeft kunnen nemen.
3. Het college doet aan de verzoeker desgevraagd opgave van degenen aan wie de mededeling, bedoeld in het eerste lid, is gedaan. Artikel 3.22, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Artikel 2.55, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
5. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing indien gegevens ten aanzien van de betrokkene zijn verbeterd, aangevuld of verwijderd op grond van een verzoek als bedoeld in artikel 2.81in samenhang met de artikelen 2.57, 2.58, 2.60en 2.61.
2. Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, kan de betrokkene aan het college richten tot uiterlijk acht weken nadat hij van de wijziging kennis heeft kunnen nemen.
3. Het college doet aan de verzoeker desgevraagd opgave van degenen aan wie de mededeling, bedoeld in het eerste lid, is gedaan. Artikel 3.22, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Artikel 2.55, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
5. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing indien gegevens ten aanzien van de betrokkene zijn verbeterd, aangevuld of verwijderd op grond van een verzoek als bedoeld in artikel 2.81in samenhang met de artikelen 2.57, 2.58, 2.60en 2.61.