1. Een uitkering op grond van een uitkeringsregeling op basis van
artikel 9 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieledenaan raadsleden, die uiterlijk aanvangt op de datum van aftreden van de leden van de raad in de oude samenstelling na de raadsverkiezingen van 2014, of een herindelingsverkiezing na publicatie van dit besluit maar vóór de raadsverkiezingen in 2014, wordt verstrekt tegen de voorwaarden van de verordening, zoals die gold op de dag voor de inwerkingtreding van dit besluit.
2. Een uitkering op grond van een uitkeringsregeling op basis van
artikel 8 van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieledenaan leden van provinciale staten, die uiterlijk aanvangt op de datum van aftreden van de leden van de provinciale staten in de oude samenstelling na de provincialestatenverkiezingen van 2015, wordt verstrekt tegen de voorwaarden van de verordening, zoals die gold op de dag voor de inwerkingtreding van dit besluit.