1. In afwijking van artikel 4, eerste lid, zijn reclame- en telewinkelboodschappen in de vorm van ‘splitscreen’ door middel van ruimtelijke middelen ‘duidelijk onderscheiden’ van de overige redactionele inhoud van het programma indien:
a. deze worden geplaatst in een afzonderlijk stilstaand kader dat geen onderdeel uitmaakt van het programma en maximaal tweederde van het totaal beschikbare beeld beslaat;
b. deze zijn voorzien van een voortdurende zichtbare duidelijke vermelding van ‘reclame’, ‘advertentie’, ‘telewinkelboodschap’, dan wel woorden van gelijke strekking; en
c. het redactionele deel van het programma volledig zichtbaar blijft en onverkort en zonder onderbreking wordt doorgegeven.
2. Reclame- en telewinkelboodschappen in de vorm van ‘splitscreen’ zijn alleen mogelijk tijdens het programma-aanbod bestaande uit het verslag of de weergave van een sportevenement of tijdens de live verslaggeving van een evenement.
3. Het aandeel reclame- en telewinkelboodschappen in de vorm van ‘splitscreen’ telt mee voor de maximale hoeveelheid reclame bepaald in
wet en
besluit.