1. Aan de directeur wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van besluiten en het verrichten van overige handelingen op grond van het
Besluit diergeneesmiddelen 2022, de Regeling diergeneesmiddelen 2022, Verordening (EU) nr. 2019/6van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 betreffende diergeneesmiddelen en tot intrekking van Richtlijn 2001/82/EG(PbEU 2019, L 4) en op die verordening gebaseerde gedelegeerde handelingen of uitvoeringshandelingen, die verband houden met vergunningen voor het in de handel brengen, vergunningen voor de vervaardiging, vergunningen voor groot- en kleinhandel, de kanalisatie van diergeneesmiddelen en overige onderwerpen die behoren tot het werkterrein van de directeur.
2. Aan de directeur wordt tevens mandaat en machtiging verleend voor het geven van toestemming voor proefneming of onderzoek van toevoegingsmiddelen als bedoeld in het
Besluit diervoeders 2012;
3. Aan de directeur wordt voorts mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van besluiten en het verrichten van overige handelingen ten aanzien aangelegenheden:
a. op het gebied van de Wet hergebruik van overheidsinformatie, waaronder begrepen het nemen van beslissingen op bezwaarschriften voor zover deze vallen onder het werkterrein, en het instellen en het voeren van beroep, hoger beroep en voorlopige voorziening procedures;
b. op het gebied van de Algemene verordening gegevensbescherming, waaronder begrepen het nemen van beslissingen op bezwaarschriften, voor zover deze vallen onder het werkterrein, en het instellen en het voeren van beroep, hoger beroep en voorlopige voorziening procedures;
c. op het gebied van de Wet openbaarheid van bestuur, waaronder begrepen het nemen van beslissingen op bezwaarschriften, voor zover deze vallen onder het werkterrein, en het instellen en het voeren van beroep, hoger beroep en voorlopige voorziening procedures.