1. Tabaksproducten als bedoeld in
artikel 29 van de Wet op de accijns, die worden uitgeslagen tot verbruik vóór 1 januari 2013, mogen worden voorzien van een accijnszegel als bedoeld in
artikel 73, eerste lid van de Wet op de accijns, dat is aangevraagd vóór 1 juni 2012.
2. Pruimtabak en snuiftabak als bedoeld in
artikel 1 van de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten, die worden uitgeslagen of ingevoerd vóór 1 januari 2013, mogen worden voorzien van een belastingzegel als bedoeld in
artikel 35, eerste lid van de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten, dat is aangevraagd vóór 1 juni 2012.
3. Voor accijnszegels als bedoeld in
artikel 73, eerste lid van de Wet op de accijns, die zijn aangevraagd vóór 1 juni 2012 blijven de
artikelen 51,
52en
53 van de Uitvoeringsregeling accijnszoals deze luidden op 31 mei 2012, tot en met 31 december 2012 van toepassing, met dien verstande dat in artikel 52, tweede lid, van die regeling de zinsnede ‘of een door G4S Value Services BV verstrekt verrekenbewijs’ komt te vervallen.
4. Voor belastingzegels als bedoeld in
artikel 35, eerste lid, van de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten, die zijn aangevraagd vóór 1 juni 2012 blijven de
artikelen 38,
39en
40 van de Uitvoeringsregeling verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten, zoals deze luidden op 31 mei 2012, van toepassing, met dien verstande dat in artikel 39, tweede lid, van die regeling vervalt de zinsnede: ‘of een door G4S Value Services BV verstrekt verrekenbewijs’. .
5. Degene die vóór 1 juni 2012 accijns- of belastingzegels heeft aangevraagd kan onbeschadigde accijns- of belastingzegels, die voor deze datum zijn aangevraagd, tot en met 31 december 2012 onder ambtelijk toezicht vernietigen.