Artikel 1
1. Het accreditatieorgaan kan aan een toets nieuwe opleiding voorwaarden verbinden indien een of meer van de kwaliteitsaspecten van de opleiding, genoemd in artikel 5a.10a, tweede lid, onderdelen b, d, e en f, respectievelijk artikel 5a.13g, eerste lid, onderdeel b, van de wet, weliswaar als onvoldoende worden beoordeeld maar de tekortkomingen naar zijn opvatting binnen een jaar kunnen worden weggenomen.
2. De voorwaarden kunnen betrekking hebben op:
a. de wijze waarop de tekortkomingen moeten worden weggenomen;
b. de wijze waarop en de termijn waarbinnen uiterlijk door het instellingsbestuur aan het accreditatieorgaan moet worden gerapporteerd; en
c. de berichtgeving door het instellingsbestuur over de gestelde voorwaarden aan studenten en andere belanghebbenden.
2. De voorwaarden kunnen betrekking hebben op:
a. de wijze waarop de tekortkomingen moeten worden weggenomen;
b. de wijze waarop en de termijn waarbinnen uiterlijk door het instellingsbestuur aan het accreditatieorgaan moet worden gerapporteerd; en
c. de berichtgeving door het instellingsbestuur over de gestelde voorwaarden aan studenten en andere belanghebbenden.