Wijziging van het Wetboek van Strafvordering in verband met de invoering van een regeling betreffende herziening ten nadele van de gewezen verdachte (Wet herziening ten nadele)
Wet: Wetboek van Strafvordering
Memorie van Toelichting
Wijziging van het Wetboek van Strafvordering in verband met de invoering van een regeling betreffende herziening ten nadele van de gewezen verdachte (Wet herziening ten nadele)
HR 18 maart 2003, NJ 2003, 527 en HR 14 november 2006, NJ 2007, 179), is op zichzelf geen reden om het bewijsmateriaal toe te laten. Ik acht de conclusie van de Nederlandse Orde van Advocaten dat een analyse van de bestaande jurisprudentie zou uitwijzen dat het vierde lid de gewezen verdachte geen enkele bescherming zou bieden, in dit licht onjuist. Overigens zijn naar aanleiding van het advies van de Raad voor de rechtspraak in het vierde lid de woorden «een recht van de gewezen verdachte» opge...
Wijziging van de Overleveringswet, de Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging strafrechtelijke sancties 2008 en het Wetboek van Strafvordering ter implementatie van kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 26 februari 2009 tot wijziging van kaderbesluit 2002/584/JBZ, kaderbesluit 2005/214/JBZ, kaderbesluit 2006/783/JBZ, kaderbesluit 2008/909/JBZ en kaderbesluit 2008/947/JBZ en tot versterking van de procedurele rechten van personen, tot bevordering van de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen gegeven ten aanzien van personen die niet verschenen zijn tijdens het proces (PbEU L 81)
Wet: Wetboek van Strafvordering
Memorie van Toelichting
Wijziging van de Overleveringswet, de Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging strafrechtelijke sancties 2008 en het Wetboek van Strafvordering ter implementatie van kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 26 februari 2009 tot wijziging van kaderbesluit 2002/584/JBZ, kaderbesluit 2005/214/JBZ, kaderbesluit 2006/783/JBZ, kaderbesluit 2008/909/JBZ en kaderbesluit 2008/947/JBZ en tot versterking van de procedurele rechten van personen, tot bevordering van de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen gegeven ten aanzien van personen die niet verschenen zijn tijdens het proces (PbEU L 81)
Deze bepaling ziet op de gevallen waarin Nederlandse officieren van justitie een Europees aanhoudingsbevel hebben uitgevaardigd voor de tenuitvoerlegging van een vonnis dat pas na de overlevering aan betrokkene zal worden betekend. De eerste volzin strekt tot vastlegging van de verplichting tot verstrekking van een afschrift van een vonnis onder de genoemde omstandigheden. De tweede volzin is opgenomen om te voorkomen dat aan de verstrekking van het afschrift rechtsgevolgen kunnen worden verbond...
Wijziging van het Wetboek van Strafvordering en de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden in verband met de introductie van DNA-verwantschapsonderzoek en DNA-onderzoek naar uiterlijk waarneembare persoonskenmerken van het onbekende slachtoffer en de regeling van enige andere onderwerpen
Wet: Wetboek van Strafvordering
Memorie van Toelichting
Wijziging van het Wetboek van Strafvordering en de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden in verband met de introductie van DNA-verwantschapsonderzoek en DNA-onderzoek naar uiterlijk waarneembare persoonskenmerken van het onbekende slachtoffer en de regeling van enige andere onderwerpen
De toekenning van de bevoegdheid in geval van een onbekende verdachte aan de hulpofficier van justitie is mede op verzoek van het College van procureurs-generaal (zie paragraaf 5.4. van de nota «Verkenning DNA-onderzoek in strafzaken vanuit wetgevings- en juridisch perspectief») beperkt tot de bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen misdrijven die in hun aanpak geen maatwerk vergen. Het gaat bij deze misdrijven om de zogenoemde high-volume-crime-misdrijven (HVC-misdrijven), te weten inb...
Wijziging van de Faillissementswet in verband met de implementatie van de Richtlijn (EU) 2019/1023 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende preventieve herstructureringsstelsels, betreffende kwijtschelding van schuld en beroepsverboden, en betreffende maatregelen ter verhoging van de efficiëntie van procedures inzake herstructurering, insolventie en kwijtschelding van schuld, en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2017/1132 (Richtlijn betreffende herstructurering en insolventie) (PbEU 2019, L 172) (Implementatiewet richtlijn herstructurering en insolventie)
Wet: Faillissementswet
Memorie van Toelichting
Wijziging van de Faillissementswet in verband met de implementatie van de Richtlijn (EU) 2019/1023 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende preventieve herstructureringsstelsels, betreffende kwijtschelding van schuld en beroepsverboden, en betreffende maatregelen ter verhoging van de efficiëntie van procedures inzake herstructurering, insolventie en kwijtschelding van schuld, en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2017/1132 (Richtlijn betreffende herstructurering en insolventie) (PbEU 2019, L 172) (Implementatiewet richtlijn herstructurering en insolventie)
<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?> <officiele-publicatie xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"> <metadata> <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36040-3/metadata.xml"/> </metadata> <kamerstuk> <kamerstukkop> <tekstregel inh...
Wijziging van de Faillissementswet in verband met de invoering van de mogelijkheid tot homologatie van een onderhands akkoord (Wet homologatie onderhands akkoord)
Wet: Faillissementswet
Memorie van Toelichting
Wijziging van de Faillissementswet in verband met de invoering van de mogelijkheid tot homologatie van een onderhands akkoord (Wet homologatie onderhands akkoord)
Met het oog hierop is reeds in de Verzamelwet Justitie en Veiligheid en Asiel en Migratie 2025 een wijziging van de Wet griffierechten burgerlijke zaken opgenomen om dit knelpunt aan te pakken. Meer specifiek wordt in de wet het griffierecht, dat wordt geheven voor verzoeken tot homologatie of verzoeken tot afwijzing van homologatie, ingedeeld in de laagste categorie griffierechten. Hierdoor wordt het griffierecht substantieel verlaagd. Daarnaast wordt onder deze wet verrekening van griffierecht...