Artikel 1
1. Met het oog op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van nog levende personen zijn de inventarisnummers genoemd in de eerste kolom beperkt openbaar. De beperkingen aan de openbaarheid vervallen op het moment van overlijden van de persoon op wie het dossier betrekking heeft. Indien het overlijden van die persoon niet is vastgesteld, vervalt de beperking uiterlijk 100 jaar na geboortedatum, in het jaar vermeld in de tweede kolom van onderstaande tabel.
[tabel]
2. De beperking van het eerste lid geldt niet indien:
a. de verzoeker inzage vraagt in een dossier dat betrekking heeft op hem- of haarzelf;
b. degene die inzage vraagt kan aantonen dat de persoon in wiens dossier hij inzage wil hebben is overleden;
c. degene die inzage vraagt een verklaring kan overleggen waaruit blijkt dat de persoon op wie het dossier betrekking heeft toestemming geeft voor inzage;
[tabel]
2. De beperking van het eerste lid geldt niet indien:
a. de verzoeker inzage vraagt in een dossier dat betrekking heeft op hem- of haarzelf;
b. degene die inzage vraagt kan aantonen dat de persoon in wiens dossier hij inzage wil hebben is overleden;
c. degene die inzage vraagt een verklaring kan overleggen waaruit blijkt dat de persoon op wie het dossier betrekking heeft toestemming geeft voor inzage;