BWBR0030378
Geldig vanaf 2014-02-01
Artikel 2.10.5
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
De begrenzing, bedoeld in artikel 2.10.2, eerste lid, kan bij provinciale verordening worden gewijzigd:
a. ten behoeve van een verbetering van de samenhang of een betere planologische inpassing van het natuurnetwerk Nederland, voor zover: 1°. de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland worden behouden, en
2°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
1°. de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland worden behouden, en
2°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
b. ten behoeve van een kleinschalige ontwikkeling, voor zover: 1°. de aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden en de samenhang van het natuurnetwerk Nederland beperkt is,
2°. de ontwikkeling per saldo gepaard gaat met een versterking van de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland, of een vergroting van de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland, en
3°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
1°. de aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden en de samenhang van het natuurnetwerk Nederland beperkt is,
2°. de ontwikkeling per saldo gepaard gaat met een versterking van de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland, of een vergroting van de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland, en
3°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
c. ten behoeve van de toepassing van de krachtens artikel 2.10.4, eerste lid, gestelde regels.
a. ten behoeve van een verbetering van de samenhang of een betere planologische inpassing van het natuurnetwerk Nederland, voor zover: 1°. de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland worden behouden, en
2°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
1°. de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland worden behouden, en
2°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
b. ten behoeve van een kleinschalige ontwikkeling, voor zover: 1°. de aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden en de samenhang van het natuurnetwerk Nederland beperkt is,
2°. de ontwikkeling per saldo gepaard gaat met een versterking van de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland, of een vergroting van de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland, en
3°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
1°. de aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden en de samenhang van het natuurnetwerk Nederland beperkt is,
2°. de ontwikkeling per saldo gepaard gaat met een versterking van de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk Nederland, of een vergroting van de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland, en
3°. de oppervlakte van het natuurnetwerk Nederland ten minste gelijk blijft;
c. ten behoeve van de toepassing van de krachtens artikel 2.10.4, eerste lid, gestelde regels.