BWBR0030284
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 83
Wet voortgezet onderwijs BES
Benoembaarheid leidinggevend personeel ... [Regeling vervallen per 01-08-2022] 1 Tot rector, directeur, conrector of adjunct-directeur kan slechts worden benoemd of tewerkgesteld zonder benoeming degene die: a. in het bezit is van een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet op de justitiële documentatie en op de verklaringen omtrent het gedrag BES , en b. met inachtneming van artikel 80, eerste lid, onderdeel b , kan worden benoemd of tewerkgesteld zonder benoeming tot leraar in een van de vakken die aan de school worden onderwezen, en c. voor zover tot de functie werkzaamheden behoren waarvoor op grond van artikel 86, tweede lid , bekwaamheidseisen zijn vastgesteld, in het bezit is van een getuigschrift, afgegeven krachtens de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek , dat is voldaan aan die eisen, of d. in het bezit is van een ten aanzien van de door hem te verrichten al dan niet in artikel 86, tweede lid , bedoelde werkzaamheden verleende erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties , of e. volgens bij algemene maatregel van bestuur te geven regels zijn bekwaamheid heeft aangetoond, en f. niet krachtens rechterlijke uitspraak is uitgesloten van het verrichten van de onder c bedoelde werkzaamheden. 2 Het bevoegd gezag kan voor ten hoogste de helft van het aantal, bestaande uit de rector of de directeur en de aan de school verbonden conrectoren of adjunct-directeuren, afwijken van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b.