BWBR0030215
Geldig vanaf 2023-05-04
Artikel 5.02
Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP)
1. De vereiste vaartijd en de reizen op bepaalde riviergedeelten worden aangetoond aan de hand van een naar behoren ingevuld en afgestempeld dienstboekje. Vaartijd kan worden opgebouwd a) op de Rijn en
b) op binnenwateren waarop vaartijd kan worden opgebouwd voor de kwalificatiecertificaten van de Unie.
a) op de Rijn en
b) op binnenwateren waarop vaartijd kan worden opgebouwd voor de kwalificatiecertificaten van de Unie.
2. Als volgens de nationale voorschriften van de Rijnoeverstaten of van België voor de binnenwateren die niet in verbinding staan met het vaarwegennet van een andere staat, met inbegrip van wateren die geclassificeerd zijn als binnenwateren van maritieme aard, of als overeenkomstig Richtlijn (EU) 2017/2397 geen dienstboekje aanwezig hoeft te zijn, kan de vaartijd ook door een officieel document worden aangetoond dat ten minste de volgende gegevens dient te bevatten: a) type, afmetingen, aantal passagiers en naam van de vaartuigen waarop de aanvrager heeft gevaren;
b) naam van de schipper;
c) tijdstip van het begin en het einde van de reizen;
d) de uitgeoefende functies;
e) de bevaren riviergedeelten (precieze aanduiding met plaatsen van vertrek en aankomst). Voor het overheidspatent worden de voorgeschreven reizen en vaartijd aan de hand van een verklaring aangetoond dat door de instantie waar de aanvrager bij in dienst is, wordt opgesteld.
a) type, afmetingen, aantal passagiers en naam van de vaartuigen waarop de aanvrager heeft gevaren;
b) naam van de schipper;
c) tijdstip van het begin en het einde van de reizen;
d) de uitgeoefende functies;
e) de bevaren riviergedeelten (precieze aanduiding met plaatsen van vertrek en aankomst).
3. De vaartijd kan eveneens aan de hand van een kwalificatiecertificaat schipper zoals bedoeld in de artikelen 12.01 of 12.03 worden aangetoond voor de duur van de vaartijd die voor het verkrijgen van dit certificaat vereist was.
4. De vaartijd op zee wordt door middel van een monsterboekje aangetoond. De vaartijd in de kustvaart en visserij wordt aangetoond door een officieel document.
5. De tijd die is doorgebracht voor het bezoeken van een schippersschool wordt door middel van het getuigschrift van de school aangetoond.
6. Indien nodig worden de officiële documenten, zoals bedoeld in het tweede lid, samen met een beëdigde vertaling in de Duitse, Franse of Nederlandse taal overgelegd.
b) op binnenwateren waarop vaartijd kan worden opgebouwd voor de kwalificatiecertificaten van de Unie.
a) op de Rijn en
b) op binnenwateren waarop vaartijd kan worden opgebouwd voor de kwalificatiecertificaten van de Unie.
2. Als volgens de nationale voorschriften van de Rijnoeverstaten of van België voor de binnenwateren die niet in verbinding staan met het vaarwegennet van een andere staat, met inbegrip van wateren die geclassificeerd zijn als binnenwateren van maritieme aard, of als overeenkomstig Richtlijn (EU) 2017/2397 geen dienstboekje aanwezig hoeft te zijn, kan de vaartijd ook door een officieel document worden aangetoond dat ten minste de volgende gegevens dient te bevatten: a) type, afmetingen, aantal passagiers en naam van de vaartuigen waarop de aanvrager heeft gevaren;
b) naam van de schipper;
c) tijdstip van het begin en het einde van de reizen;
d) de uitgeoefende functies;
e) de bevaren riviergedeelten (precieze aanduiding met plaatsen van vertrek en aankomst). Voor het overheidspatent worden de voorgeschreven reizen en vaartijd aan de hand van een verklaring aangetoond dat door de instantie waar de aanvrager bij in dienst is, wordt opgesteld.
a) type, afmetingen, aantal passagiers en naam van de vaartuigen waarop de aanvrager heeft gevaren;
b) naam van de schipper;
c) tijdstip van het begin en het einde van de reizen;
d) de uitgeoefende functies;
e) de bevaren riviergedeelten (precieze aanduiding met plaatsen van vertrek en aankomst).
3. De vaartijd kan eveneens aan de hand van een kwalificatiecertificaat schipper zoals bedoeld in de artikelen 12.01 of 12.03 worden aangetoond voor de duur van de vaartijd die voor het verkrijgen van dit certificaat vereist was.
4. De vaartijd op zee wordt door middel van een monsterboekje aangetoond. De vaartijd in de kustvaart en visserij wordt aangetoond door een officieel document.
5. De tijd die is doorgebracht voor het bezoeken van een schippersschool wordt door middel van het getuigschrift van de school aangetoond.
6. Indien nodig worden de officiële documenten, zoals bedoeld in het tweede lid, samen met een beëdigde vertaling in de Duitse, Franse of Nederlandse taal overgelegd.