BWBR0030215
Geldig vanaf 2023-05-04
Artikel 15.03
Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP)
1. De cursus om de vereiste kennis op te doen bestaat uit een theoretisch gedeelte en een praktisch gedeelte en wordt door een examen afgesloten.
2. Het theoretisch gedeelte van de cursus omvat de in de ES-QIN (Deel I, hoofdstuk 6) genoemde competenties, aangegeven met ‘kennis van’.
3. Het praktische gedeelte van de cursus betreft de toepassing van de verworven theoretische kennis in de praktijk aan boord van een schip dat vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruikt en/of in een daarvoor geschikte walinstallatie. Het omvat de in de ES-QIN (Deel V, Hoofdstuk 6) genoemde competenties, aangegeven met ‘vaardigheid om’.
4. Het examen bestaat uit een theoretisch en uit een praktisch deel. Het theoretisch deel van het examen is met goed gevolg afgelegd wanneer de kandidaat heeft aangetoond in voldoende mate over de competenties te beschikken die in de ES-QIN (Deel I, hoofdstuk 6) zijn aangegeven met ‘kennis van’. Het praktisch deel van het examen is met goed gevolg afgelegd wanneer de kandidaat is geslaagd voor het praktijkexamen ter verkrijging van het kwalificatiecertificaat van deskundige op het gebied van vloeibaar aardgas (LNG), als vastgelegd in de ES-QIN (Deel II, hoofdstuk 3).
5. Het praktische deel van het examen wordt afgenomen aan boord van een schip en/of in een daarvoor geschikte walinstallatie, die voldoet aan de ‘Technische eisen inzake vaartuigen en faciliteiten aan de wal die voor praktijkexamens worden gebruikt’, als opgenomen in de ES-QIN (Deel II, hoofdstuk 3).
2. Het theoretisch gedeelte van de cursus omvat de in de ES-QIN (Deel I, hoofdstuk 6) genoemde competenties, aangegeven met ‘kennis van’.
3. Het praktische gedeelte van de cursus betreft de toepassing van de verworven theoretische kennis in de praktijk aan boord van een schip dat vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruikt en/of in een daarvoor geschikte walinstallatie. Het omvat de in de ES-QIN (Deel V, Hoofdstuk 6) genoemde competenties, aangegeven met ‘vaardigheid om’.
4. Het examen bestaat uit een theoretisch en uit een praktisch deel. Het theoretisch deel van het examen is met goed gevolg afgelegd wanneer de kandidaat heeft aangetoond in voldoende mate over de competenties te beschikken die in de ES-QIN (Deel I, hoofdstuk 6) zijn aangegeven met ‘kennis van’. Het praktisch deel van het examen is met goed gevolg afgelegd wanneer de kandidaat is geslaagd voor het praktijkexamen ter verkrijging van het kwalificatiecertificaat van deskundige op het gebied van vloeibaar aardgas (LNG), als vastgelegd in de ES-QIN (Deel II, hoofdstuk 3).
5. Het praktische deel van het examen wordt afgenomen aan boord van een schip en/of in een daarvoor geschikte walinstallatie, die voldoet aan de ‘Technische eisen inzake vaartuigen en faciliteiten aan de wal die voor praktijkexamens worden gebruikt’, als opgenomen in de ES-QIN (Deel II, hoofdstuk 3).