1. Aanvragen om een aanwijzing als bedoeld in
artikel 3, tweede lid, van de Monumentenwet 1988, zoals dit luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, die zijn ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet alsmede bezwaar- en beroepschriften tegen een besluit op grond van deze aanvragen, worden afgehandeld overeenkomstig de
Monumentenwet 1988, zoals deze luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
2. Aanvragen om een omgevingsvergunning die geheel of gedeeltelijk betrekking hebben op een activiteit als bedoeld in
artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrechtdie ingediend zijn voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet worden afgehandeld overeenkomstig de
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, zoals deze luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.