BWBR0030067
Artikel 19
Algemeen Reglement van het Nederlands Fonds voor de Film
1 De subsidieontvanger is verplicht onverminderd het bepaalde in artikel 4:45 Awb desgevraagd de volgende bescheiden in te dienen:
a. een verslag van de filmactiviteit of een filmprint van (het onderdeel van) de filmproductie
waarvoor subsidie is verleend;
b. rapportages van inkomsten uit exploitatie.
2 Het activiteitenverslag geeft inzicht in de aard, duur en omvang van de in het kader
van de subsidiëring verrichte activiteiten. Het activiteitenverslag vergelijkt de
verrichte activiteiten met de voorgenomen activiteiten in het activiteitenplan.
3 Het bestuur kan de subsidieontvanger verplichten een financieel verslag inzake werkelijke
kosten en opbrengsten in te dienen.
4 Het financieel verslag geeft een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden
gevormd omtrent de aanwending en de besteding van de subsidie door de subsidieontvanger
en van de ontvangen financiering van derden. Het financieel verslag sluit aan op de
indeling van de begroting en het financieringsplan die voorafgaand aan de subsidieverlening
zijn overgelegd en door het Fonds zijn goedgekeurd volgens het Financieel & Productioneel
Protocol van het Fonds. Belangrijke verschillen tussen financieel verslag en begroting
en/of financieringsplan worden toegelicht.
5 Het bestuur kan de subsidieontvanger verplichten om het financieel verslag te voorzien
van een verklaring van de accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. In dat geval volgt de accountant het Handboek Financiële Verantwoording van het
Fonds.
6 Vertegenwoordigers van het Fonds hebben op eerste verzoek inzage in de administratie
die betrekking heeft op de filmproductie of de filmactiviteit waarvoor de subsidie
is verleend. De kosten voor een dergelijke controle door vertegenwoordigers van het
Fonds zijn voor rekening van het Fonds tenzij er verwijtbare onregelmatigheden worden
aangetroffen. In een dergelijk geval worden de kosten doorberekend aan de ontvanger
van subsidie.
7 Het Fonds kan ongelimiteerd steekproeven houden om te controleren of aan de aan de
subsidie verbonden verplichtingen is voldaan.
a. een verslag van de filmactiviteit of een filmprint van (het onderdeel van) de filmproductie
waarvoor subsidie is verleend;
b. rapportages van inkomsten uit exploitatie.
2 Het activiteitenverslag geeft inzicht in de aard, duur en omvang van de in het kader
van de subsidiëring verrichte activiteiten. Het activiteitenverslag vergelijkt de
verrichte activiteiten met de voorgenomen activiteiten in het activiteitenplan.
3 Het bestuur kan de subsidieontvanger verplichten een financieel verslag inzake werkelijke
kosten en opbrengsten in te dienen.
4 Het financieel verslag geeft een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden
gevormd omtrent de aanwending en de besteding van de subsidie door de subsidieontvanger
en van de ontvangen financiering van derden. Het financieel verslag sluit aan op de
indeling van de begroting en het financieringsplan die voorafgaand aan de subsidieverlening
zijn overgelegd en door het Fonds zijn goedgekeurd volgens het Financieel & Productioneel
Protocol van het Fonds. Belangrijke verschillen tussen financieel verslag en begroting
en/of financieringsplan worden toegelicht.
5 Het bestuur kan de subsidieontvanger verplichten om het financieel verslag te voorzien
van een verklaring van de accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. In dat geval volgt de accountant het Handboek Financiële Verantwoording van het
Fonds.
6 Vertegenwoordigers van het Fonds hebben op eerste verzoek inzage in de administratie
die betrekking heeft op de filmproductie of de filmactiviteit waarvoor de subsidie
is verleend. De kosten voor een dergelijke controle door vertegenwoordigers van het
Fonds zijn voor rekening van het Fonds tenzij er verwijtbare onregelmatigheden worden
aangetroffen. In een dergelijk geval worden de kosten doorberekend aan de ontvanger
van subsidie.
7 Het Fonds kan ongelimiteerd steekproeven houden om te controleren of aan de aan de
subsidie verbonden verplichtingen is voldaan.