BWBR0029244
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 8.8
Belastingwet BES
Voorlopige aanslag ... 1 De inspecteur kan, ingeval de grootte van de belastingschuld eerst kan worden vastgesteld na afloop van het tijdvak waarover de belasting wordt geheven, na aanvang van het belastingtijdvak aan de belastingplichtige een voorlopige aanslag opleggen tot het bedrag waarop de aanslag vermoedelijk zal worden vastgesteld. 2 De voorlopige aanslag blijft beperkt tot het bedrag waarmee de aanslag vermoedelijk de voorheffingen te boven zal gaan. 3 Een voorlopige aanslag kan worden gevolgd door één of meer voorlopige aanslagen. 4 De voorlopige aanslag en de voorheffingen worden verrekend met de aanslag. 5 Een voorlopige aanslag kan de inspecteur ook opleggen aan niet op de BES eilanden wonende of gevestigde belastingplichtigen, die slechts tijdelijk op de BES eilanden een bedrijf of beroep uitoefenen. 6 Een voorlopige aanslag kan direct na het ontstaan van de belastingschuld of, bij tijdvak- belastingen, direct na aanvang van het tijdvak, altijd worden opgelegd tot het bedrag dat de inspecteur juist voorkomt indien: a. de belastingplichtige in staat van faillissement is verklaard of, indien sprake is van een lichaam, in geval van ontbinding, beëindiging of vereffening ervan; b. de belastingplichtige de BES eilanden metterwoon wil verlaten dan wel zijn plaats van vestiging wil overbrengen naar een plaats niet op de BES eilanden; c. het bedrijf van de belastingplichtige wordt gestaakt of aanmerkelijk wordt ingekrompen, of de belastingplichtige op de BES eilanden gelegen onroerende goederen of daarop gevestigde rechten vervreemdt. 7 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ten aanzien van het eerste lid nadere regels worden vastgesteld.