BWBR0029236
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 3.52
Douane- en Accijnswet BES
... 1 De met vrijstelling ingevoerde goederen mogen niet zonder voorafgaande toestemming van de inspecteur worden uitgeleend, verpand, verhuurd, noch onder bezwarende titel of om niet worden overgedragen. 2 Indien een goed wordt uitgeleend, verpand, verhuurd of overgedragen aan een persoon, instelling of organisatie die op grond van artikel 3.49 voor vrijstelling in aanmerking komt, en die het goed: a. gebruikt voor doeleinden die recht geven op deze vrijstelling, blijft de vrijstelling van kracht; b. niet gebruikt voor doeleinden die recht geven op deze vrijstelling, is artikel 3.29 van toepassing, met dien verstande dat het bedrag van de verschuldigde invoerrechten wordt vastgesteld op het tijdstip waarop de douaneaangifte wordt aanvaard. 3 Indien niet langer voldaan wordt aan de voorwaarden om voor de vrijstelling in aanmerking te komen of de met vrijstelling ingevoerde goederen voor andere doeleinden worden gebruikt, zijn het eerste lid en het tweede lid, onderdeel b, van overeenkomstige toepassing.