BWBR0028743
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 263b
Burgerlijk Wetboek BES Boek 1
b ... 1 Voor de duur van de maatregel kan de rechter in eerste aanleg op verzoek van de gezinsvoogd of ambtshalve een rechterlijke beslissing tot vaststelling van een regeling inzake de uitoefening van het omgangsrecht wijzigen voor zover dat noodzakelijk is met het oog op het doel van de ondertoezichtstelling. 2 Op het verzoek van de met het gezag belaste ouder, de omgangsgerechtigde, de minderjarige van twaalf jaren of ouder en de gezinsvoogd kan de rechter de in het eerste lid genoemde beslissing wijzigen op grond dat nadien de omstandigheden zijn gewijzigd, of dat bij het nemen van de beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. 3 Zodra de ondertoezichtstelling is geëindigd, geldt een ingevolge deze bepaling vastgestelde regeling als een regeling als bedoeld in artikel 377a dan wel 377f .