BWBR0028542
Artikel 2
Wet medisch tuchtrecht BES
De geneeskundige of tandheelkundige, die zich schuldig maakt aan gedragingen, welke
het vertrouwen dat men in een geneeskundige of een tandheelkundige moet kunnen hebben
ondermijnen, of aan nalatigheid, waardoor schade ontstaat voor een persoon, te wiens
behoeve hem geneeskundige of tandheelkundige raad of bijstand gevraagd wordt of aan
wie hij die raad of bijstand verleent, of die in de uitoefening van de geneeskunst
of tandheelkunst blijk geeft van niet toelaatbare onkunde, kan, onverminderd zijn
aansprakelijkheid ingevolge andere wettelijke voorschriften, worden onderworpen aan
een van de maatregelen vermeld in artikel 7.
het vertrouwen dat men in een geneeskundige of een tandheelkundige moet kunnen hebben
ondermijnen, of aan nalatigheid, waardoor schade ontstaat voor een persoon, te wiens
behoeve hem geneeskundige of tandheelkundige raad of bijstand gevraagd wordt of aan
wie hij die raad of bijstand verleent, of die in de uitoefening van de geneeskunst
of tandheelkunst blijk geeft van niet toelaatbare onkunde, kan, onverminderd zijn
aansprakelijkheid ingevolge andere wettelijke voorschriften, worden onderworpen aan
een van de maatregelen vermeld in artikel 7.