BWBR0028435
Artikel 12
Wet op het ter beschikking stellen arbeidskrachten BES
1 Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde zijn belast
de door het bestuurscollege aangewezen personen. Een zodanige aanwijzing wordt bekendgemaakt
in de Staatscourant.
2 De krachtens het eerste lid aangewezen personen zijn, uitsluitend voor zover dat voor
de vervulling van hun taak redelijkerwijze noodzakelijk is, bevoegd:
a. alle inlichtingen te vragen;
b. inzage te verlangen van alle boeken, bescheiden en andere informatiedragers en daarvan
afschrift te nemen of deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
c. goederen aan opneming en onderzoek te onderwerpen, deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
d. alle plaatsen, met uitzondering van woningen zonder de uitdrukkelijke toestemming
van de bewoner, te betreden, vergezeld van door hen aangewezen personen.
3 Zo nodig, wordt de toegang tot een plaats als bedoeld in het tweede lid, onderdeel
d, verschaft met behulp van de sterke arm.
4 Bij eilandsverordening kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de taakuitoefening
van de krachtens het eerste lid aangewezen personen.
5 Een ieder is verplicht aan de krachtens het eerste lid aangewezen personen alle medewerking
te verlenen die op grond van het tweede lid wordt gevorderd. De verstrekking van krachtens
het tweede lid, onderdeel a, verlangde inlichtingen dient volledig en naar waarheid
te geschieden.
de door het bestuurscollege aangewezen personen. Een zodanige aanwijzing wordt bekendgemaakt
in de Staatscourant.
2 De krachtens het eerste lid aangewezen personen zijn, uitsluitend voor zover dat voor
de vervulling van hun taak redelijkerwijze noodzakelijk is, bevoegd:
a. alle inlichtingen te vragen;
b. inzage te verlangen van alle boeken, bescheiden en andere informatiedragers en daarvan
afschrift te nemen of deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
c. goederen aan opneming en onderzoek te onderwerpen, deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
d. alle plaatsen, met uitzondering van woningen zonder de uitdrukkelijke toestemming
van de bewoner, te betreden, vergezeld van door hen aangewezen personen.
3 Zo nodig, wordt de toegang tot een plaats als bedoeld in het tweede lid, onderdeel
d, verschaft met behulp van de sterke arm.
4 Bij eilandsverordening kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de taakuitoefening
van de krachtens het eerste lid aangewezen personen.
5 Een ieder is verplicht aan de krachtens het eerste lid aangewezen personen alle medewerking
te verlenen die op grond van het tweede lid wordt gevorderd. De verstrekking van krachtens
het tweede lid, onderdeel a, verlangde inlichtingen dient volledig en naar waarheid
te geschieden.