BWBR0028142
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 192
Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
... 1 Alvorens zijn ambt te aanvaarden, legt de Rijksvertegenwoordiger in handen van de Koning de volgende eed (verklaring en belofte) af: «Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet , dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als Rijksvertegenwoordiger voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!» (Dat verklaar en beloof ik!») 2 In geval van herbenoeming wordt de eed (verklaring en belofte) in handen van de Koning of in handen van Onze Minister, daartoe door de Koning gemachtigd, afgelegd.