BWBR0028079
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 54
Rijkswet politie van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Geen andere versie om mee te vergelijken 1 Voor Nederland, voor zover het Bonaire, Sint Eustatius en Saba betreft, wordt de voordracht van de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in: a. de artikelen 41, eerste en tweede lid , 42, eerste en tweede lid , en 46, eerste en tweede lid , gedaan door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. de artikelen 3, tweede lid , en 10, vijfde lid , gedaan door Onze Minister van Justitie van Nederland en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; c. de artikelen 14, eerste en tweede lid , en 39, tweede lid , gedaan door Onze Minister van Justitie van Nederland en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie voor zover het de Koninklijke marechaussee betreft; d. artikel 10, vierde lid , gedaan door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, in overeenstemming met Onze Minister van Justitie van Nederland. 2 Voor zover de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 41, eerste en tweede lid , mede betrekking heeft op specifieke vaardigheid of kennis in verband met de werkzaamheden ten behoeve van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en de taken ten dienste van de justitie, vindt de voordracht plaats door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Onze Minister van Justitie van Nederland.