1. Indien een verkoper de gemeente in de gelegenheid heeft gesteld een onroerende zaak te kopen als bedoeld in
artikel 10 van de Wet voorkeursrecht gemeentenzoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijft ten aanzien van de afhandeling van die koopprocedure van toepassing de
Wet voorkeursrecht gemeentenzoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
2. Indien een verkoper op grond van
artikel 14 van de Wet voorkeursrecht gemeentenzoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet een verzoek tot ontheffing heeft ingediend, blijft ten aanzien van de afhandeling van dat verzoek de
Wet voorkeursrecht gemeentenvan toepassing zoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
3. Indien een besluit tot aanwijzing of voorlopige aanwijzing van gronden genomen is voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijft ten aanzien van de bekendmaking, inwerkingtreding en mededeling van dat besluit van toepassing de
Wet voorkeursrecht gemeentenzoals deze gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.