BWBR0027464
Geldig vanaf 2017-04-21
Artikel 7.11
Besluit omgevingsrecht
1. Onze Minister is de voor Inspectieview Milieu verwerkingsverantwoordelijke.
2. Inspectieview Milieu voldoet aan de principes van de Nederlandse Overheid Referentie Architectuur.
3. Onverminderd de Algemene verordening gegevensbescherming en de <a href="/wet/BWBR0040940/artikel/32" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 32</a>en <a href="/wet/BWBR0040940/artikel/33" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">33 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>richt de verwerkingsverantwoordelijke Inspectieview Milieu zowel procedureel als technisch zodanig in dat:
a. zoveel mogelijk vooraf door middel van een gestandaardiseerde set van gegevens als bedoeld in artikel 7.10, eerste lid, is bepaald welke gegevens nodig zijn om het doel waarvoor de gegevens toegankelijk worden gemaakt te bereiken en deze gegevens toereikend, relevant en niet bovenmatig zijn;
b. het doel waarvoor de gegevens die toegankelijk worden gemaakt door een bestuursorgaan verenigbaar is met het doel waarvoor deze gegevens door dat bestuursorgaan zijn verkregen;
c. gegevens die verplicht gedeeld worden uitsluitend door middel van Inspectieview Milieu toegankelijk worden gemaakt indien geen wettelijke bepaling daaraan in de weg staat;
d. er geen gegevens toegankelijk worden gemaakt door een bestuursorgaan of strafrechtelijke instantie waarvoor dat bestuursorgaan een geheimhoudingsplicht heeft;
e. er geen gegevens op een centrale plaats worden opgeslagen en bewaard;
f. alleen geautoriseerde personen die vallen onder de verantwoordelijkheid van de bestuursorganen, bedoeld in de artikelen 7.8 en 7.9 of organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving of met de opsporing van economische delicten die gegevens opvragen, toegang tot die gegevens hebben;
g. de toegang tot gegevens voor specifiek vooraf aangewezen en getoetste doeleinden voorbehouden is aan de daartoe geautoriseerde personen die vallen onder de verantwoordelijkheid van de bestuursorganen, bedoeld in de artikelen 7.8 en 7.9, of organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving of met de opsporing van economische delicten die gegevens opvragen;
h. het informatiebeveiligingsniveau «departementaal vertrouwelijk» is en voor gegevens verkregen uit processen-verbaal dan wel een opsporingsonderzoek «staatsgeheim confidentieel».
2. Inspectieview Milieu voldoet aan de principes van de Nederlandse Overheid Referentie Architectuur.
3. Onverminderd de Algemene verordening gegevensbescherming en de <a href="/wet/BWBR0040940/artikel/32" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 32</a>en <a href="/wet/BWBR0040940/artikel/33" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">33 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>richt de verwerkingsverantwoordelijke Inspectieview Milieu zowel procedureel als technisch zodanig in dat:
a. zoveel mogelijk vooraf door middel van een gestandaardiseerde set van gegevens als bedoeld in artikel 7.10, eerste lid, is bepaald welke gegevens nodig zijn om het doel waarvoor de gegevens toegankelijk worden gemaakt te bereiken en deze gegevens toereikend, relevant en niet bovenmatig zijn;
b. het doel waarvoor de gegevens die toegankelijk worden gemaakt door een bestuursorgaan verenigbaar is met het doel waarvoor deze gegevens door dat bestuursorgaan zijn verkregen;
c. gegevens die verplicht gedeeld worden uitsluitend door middel van Inspectieview Milieu toegankelijk worden gemaakt indien geen wettelijke bepaling daaraan in de weg staat;
d. er geen gegevens toegankelijk worden gemaakt door een bestuursorgaan of strafrechtelijke instantie waarvoor dat bestuursorgaan een geheimhoudingsplicht heeft;
e. er geen gegevens op een centrale plaats worden opgeslagen en bewaard;
f. alleen geautoriseerde personen die vallen onder de verantwoordelijkheid van de bestuursorganen, bedoeld in de artikelen 7.8 en 7.9 of organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving of met de opsporing van economische delicten die gegevens opvragen, toegang tot die gegevens hebben;
g. de toegang tot gegevens voor specifiek vooraf aangewezen en getoetste doeleinden voorbehouden is aan de daartoe geautoriseerde personen die vallen onder de verantwoordelijkheid van de bestuursorganen, bedoeld in de artikelen 7.8 en 7.9, of organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving of met de opsporing van economische delicten die gegevens opvragen;
h. het informatiebeveiligingsniveau «departementaal vertrouwelijk» is en voor gegevens verkregen uit processen-verbaal dan wel een opsporingsonderzoek «staatsgeheim confidentieel».