1. De voorzitter en andere leden van de commissie, voor zover niet vallend onder de uitzondering van
artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, ontvangen per vergadering een vergoeding.
2. De vergoeding per vergadering van de leden van de commissie bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 van
bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
3. De vergoeding per vergadering van de voorzitter van de commissie bedraagt 130% van de hoogte van de vergoeding per vergadering die aan de andere leden van de commissie is toegekend.
4. De voorzitter en andere leden van de commissie ontvangen een vergoeding van reis- en verblijfkosten op de voet van het
Reisbesluit binnenlanden het
Reisbesluit buitenland. Deze vergoeding wordt door de secretaris van de commissie afgehandeld en ingediend bij het Ministerie van OCW.