Artikel 1
De normbedragen voor voorzieningen, als bedoeld in:
– artikelen 34 en 35 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen,
– artikel 52d van de Ziektewet,
– artikel 65e van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering,
– de artikelen 2:22, 2:23 en 3:64 van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten,
– artikel 67c van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, en
– artikel 19a van de Wet overige OCW-subsidies,
worden vastgesteld op de bedragen, genoemd in de bijlage bij dit besluit.
– artikelen 34 en 35 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen,
– artikel 52d van de Ziektewet,
– artikel 65e van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering,
– de artikelen 2:22, 2:23 en 3:64 van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten,
– artikel 67c van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, en
– artikel 19a van de Wet overige OCW-subsidies,
worden vastgesteld op de bedragen, genoemd in de bijlage bij dit besluit.