BWBR0026045
Geldig vanaf 2009-07-01
Artikel 2.20
Patentreglement Rijn
1. De autoriteit die het patent afgeeft geeft de houder van een patent op vertoon van een medische verklaring, op basis van deze verklaring de navolgende bescheiden af:
a. een nieuwe patentkaart bij het bereiken van de leeftijd van 50 en 65 jaar;
b. een nieuwe patentkaart of een bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid als bedoeld in bijlage B3, bij het bereiken van de leeftijd van 55 en 60 jaar;
c. een beschikking over de lichamelijke en geestelijke geschiktheid als bedoeld in bijlage B3, voor de controles die na het bereiken van de leeftijd van 65 jaar zullen plaatsvinden.
Op het bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid als bedoeld in bijlage B3moet ook een vervaldatum worden aangebracht, die de vervaldatum van de patentkaart vervangt.
2. Het bewijs als bedoeld in het eerste lid onder b en c kan door de bevoegde autoriteit ook op de medische verklaring bedoeld in bijlage B2worden aangebracht. Deze moet in dit geval ook de datum aangeven, tot wanneer de patentkaart geldig is.
3. Blijkt uit de medische verklaring slechts een beperkte lichamelijke en geestelijke geschiktheid, geeft de autoriteit die het afgeeft op de vernieuwde patentkaart, op het bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid of de medische verklaring bedoeld in bijlage B2de aanvullende voorwaarden dan wel de geldigheid van het patent weer.
4. Wordt geen nieuwe patentkaart afgegeven, dan is het Rijnpatent slechts geldig, als de houder van het patent in het bezit is van een bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid bedoeld in bijlage B3of van een door de bevoegde autoriteit gewaarmerkte medische verklaring bedoeld in bijlage B2.
a. een nieuwe patentkaart bij het bereiken van de leeftijd van 50 en 65 jaar;
b. een nieuwe patentkaart of een bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid als bedoeld in bijlage B3, bij het bereiken van de leeftijd van 55 en 60 jaar;
c. een beschikking over de lichamelijke en geestelijke geschiktheid als bedoeld in bijlage B3, voor de controles die na het bereiken van de leeftijd van 65 jaar zullen plaatsvinden.
Op het bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid als bedoeld in bijlage B3moet ook een vervaldatum worden aangebracht, die de vervaldatum van de patentkaart vervangt.
2. Het bewijs als bedoeld in het eerste lid onder b en c kan door de bevoegde autoriteit ook op de medische verklaring bedoeld in bijlage B2worden aangebracht. Deze moet in dit geval ook de datum aangeven, tot wanneer de patentkaart geldig is.
3. Blijkt uit de medische verklaring slechts een beperkte lichamelijke en geestelijke geschiktheid, geeft de autoriteit die het afgeeft op de vernieuwde patentkaart, op het bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid of de medische verklaring bedoeld in bijlage B2de aanvullende voorwaarden dan wel de geldigheid van het patent weer.
4. Wordt geen nieuwe patentkaart afgegeven, dan is het Rijnpatent slechts geldig, als de houder van het patent in het bezit is van een bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid bedoeld in bijlage B3of van een door de bevoegde autoriteit gewaarmerkte medische verklaring bedoeld in bijlage B2.