BWBR0026045
Geldig vanaf 2009-07-01
Artikel 2.08
Patentreglement Rijn
1. Als één jaar vaartijd gelden 180 effectieve vaardagen in de binnenvaart.
Binnen een periode van 365 opeenvolgende dagen kunnen maximaal 180 dagen als vaartijd worden meegerekend.
2. Tot de vaartijd wordt meegerekend:
a. de tijd van de opleiding, met een maximum van drie jaren, indien de gegadigde in het bezit is van een door de bevoegde autoriteit erkende verklaring inzake een met goed gevolg afgesloten beroepsopleiding met praktijkgedeelten op het gebied van de binnenvaart,
b. de aangetoonde vaartijd, met een maximum van twee jaren, die op zee als lid van een dekbemanning is doorgebracht, waarbij 250 zeedagen als één jaar vaartijd gelden.
Binnen een periode van 365 opeenvolgende dagen kunnen maximaal 180 dagen als vaartijd worden meegerekend.
2. Tot de vaartijd wordt meegerekend:
a. de tijd van de opleiding, met een maximum van drie jaren, indien de gegadigde in het bezit is van een door de bevoegde autoriteit erkende verklaring inzake een met goed gevolg afgesloten beroepsopleiding met praktijkgedeelten op het gebied van de binnenvaart,
b. de aangetoonde vaartijd, met een maximum van twee jaren, die op zee als lid van een dekbemanning is doorgebracht, waarbij 250 zeedagen als één jaar vaartijd gelden.