Artikel 1
1. In afwijking van artikel 8, eerste lid, van de Warenwetregeling nadere eisen cosmetische productenmogen producten die voldoen aan de bijlagen II en III bij richtlijn nr. 76/768/EEGvan de Raad van 27 juli 1976 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten inzake cosmetische producten (PbEG L 262), zoals die luidden voordat zij werden gewijzigd door richtlijn nr. 2009/6/EGvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 4 februari 2009 (PbEU L 36) tot wijziging van Richtlijn 76/768/EEGvan de Raad inzake cosmetische producten met het oog op de aanpassing van de bijlagen II en III aan de technische vooruitgang, tot 5 november 2009 in de handel worden gebracht en aan de eindverbruiker worden verkocht of geleverd.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op de bepalingen betreffende de stof tolueen in cosmetische producten, zoals in punt 2 van de bijlage bij richtlijn nr. 2009/6/EGvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 4 februari 2009 (PbEU L 36) tot wijziging van Richtlijn 76/768/EEGvan de Raad inzake cosmetische producten met het oog op de aanpassing van de bijlagen II en III aan de technische vooruitgang, vermeld onder rangnummer 185.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op de bepalingen betreffende de stof tolueen in cosmetische producten, zoals in punt 2 van de bijlage bij richtlijn nr. 2009/6/EGvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 4 februari 2009 (PbEU L 36) tot wijziging van Richtlijn 76/768/EEGvan de Raad inzake cosmetische producten met het oog op de aanpassing van de bijlagen II en III aan de technische vooruitgang, vermeld onder rangnummer 185.