1. Het bevoegd gezag dat op de dag voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit een intrasectoraal programma verzorgde als bedoeld in
artikel 26j van het Inrichtingsbesluit WVOzoals luidend voor de inwerkingtreding van dit besluit, kan dit programma gedurende vijf jaar na inwerkingtreding van dit besluit blijven verzorgen zolang wordt voldaan aan de voorwaarden, gesteld in
artikel 26len
Bijlage 1 van het Inrichtingsbesluit WVOzoals luidend voor de inwerkingtreding van dit besluit. Het bevoegd gezag kan het programma, bedoeld in de vorige volzin, vanaf het zesde jaar na inwerkingtreding van dit besluit blijven verzorgen indien en zolang dit programma is aangewezen in de ministeriële regeling, bedoeld in
artikel 26j, eerste lid, eerste volzin, van het Inrichtingsbesluit WVOzoals luidend door artikel III, onderdeel E, van dit besluit en overigens wordt voldaan aan het
eerste, derde en vierde lid van eerstgenoemd artikel.
2. Het bevoegd gezag dat op de dag voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit een intersectoraal programma verzorgde op basis van een beschikking van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op grond van
artikel 25of
artikel 29, zesde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, kan dit programma gedurende vijf jaar na inwerkingtreding van dit besluit blijven verzorgen zolang wordt voldaan aan de voorwaarden die golden voor de desbetreffende school of vestiging bij de aanvang van de verzorging van het programma. De tweede volzin van het eerste lid is van overeenkomstige toepassing.
3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op het intrasectorale programma Techniek Breed, verzorgd op basis van een beschikking van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op grond van
artikel 25of
artikel 29, zesde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs.