1. Indien de melding van de inbouw van de voorziening bij de Dienst Wegverkeer heeft plaatsgevonden voor de inwerkingtreding van deze regeling en de aanvraag tot subsidievaststelling niet voor de inwerkingtreding van deze regeling is ingediend, wordt in afwijking van
artikel 2.3, eerste lid, of
artikel 2.9, eerste lid, van de Subsidieregeling emissieverminderende voorzieningen voor voertuigen, een aanvraag tot subsidievaststelling binnen zes maanden na de inwerkingtreding van deze regeling ingediend.