BWBR0022762
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 5.60
Activiteitenbesluit milieubeheer
1. Het vullen van een tankwagen langs de onderzijde is uitsluitend toegestaan indien het vultoelatingssignaal is gegeven door de gecombineerde aardings- en overloopbedieningseenheid.
2. Bij het vullen van een tankwagen langs de onderzijde is de dampopvangslang met de tankwagen verbonden en stroomt de verplaatste damp vrij van de tankwagen naar de dampopvangvoorziening van de terminal.
3. In geval van overloop of onderbreking van de aarding van een tankwagen sluit de bedieningseenheid van het laadportaal de vulcontroleklep aan het laadportaal.
2. Bij het vullen van een tankwagen langs de onderzijde is de dampopvangslang met de tankwagen verbonden en stroomt de verplaatste damp vrij van de tankwagen naar de dampopvangvoorziening van de terminal.
3. In geval van overloop of onderbreking van de aarding van een tankwagen sluit de bedieningseenheid van het laadportaal de vulcontroleklep aan het laadportaal.