BWBR0022762
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 3.23d
Activiteitenbesluit milieubeheer
1. Bij het lozen op of in de bodem of in een vuilwaterriool van afvalwater afkomstig van een bodembeschermende voorziening als gevolg van het uitwendig wassen van werktuigen waarmee gewasbeschermingsmiddelen zijn toegepast, wordt ten minste voldaan aan het tweede tot en met vijfde lid.
2. Het afvalwater wordt geleid door een zuiveringsvoorziening waarmee ten minste 95% van de gewasbeschermingsmiddelen wordt verwijderd.
3. Bij het lozen op of in de bodem bevat het afvalwater in enig steekmonster ten hoogste 20 milligram olie per liter en wordt het afvalwater gelijkmatig verspreid over een onverharde bodem.
4. Bij het lozen in een vuilwaterriool bevat het afvalwater in enig steekmonster ten hoogste:
a. 200 milligram olie per liter;
b. 300 milligram onopgeloste stoffen per liter.
5. Het te lozen afvalwater kan op een doelmatige wijze worden bemonsterd.
2. Het afvalwater wordt geleid door een zuiveringsvoorziening waarmee ten minste 95% van de gewasbeschermingsmiddelen wordt verwijderd.
3. Bij het lozen op of in de bodem bevat het afvalwater in enig steekmonster ten hoogste 20 milligram olie per liter en wordt het afvalwater gelijkmatig verspreid over een onverharde bodem.
4. Bij het lozen in een vuilwaterriool bevat het afvalwater in enig steekmonster ten hoogste:
a. 200 milligram olie per liter;
b. 300 milligram onopgeloste stoffen per liter.
5. Het te lozen afvalwater kan op een doelmatige wijze worden bemonsterd.