BWBR0022762
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 3.105
Activiteitenbesluit milieubeheer
1. Bij het lozen van afvalwater afkomstig van het sorteren van gewassen, wordt ten minste voldaan aan het tweede tot en met vijfde lid.
2. Het lozen van afvalwater in een oppervlaktewaterlichaam is toegestaan, indien:
a. het afvalwater afkomstig is van het sorteren van uitsluitend biologisch geteelde gewassen;
b. het gehalte aan onopgeloste stoffen in het te lozen afvalwater ten hoogste 100 milligram per liter bedraagt, en
c. in het te lozen afvalwater het chemisch zuurstofverbruik ten hoogste 300 milligram per liter en het biologisch zuurstofverbruik ten hoogste 60 milligram per liter bedraagt.
3. Het lozen van afvalwater op of in de bodem is toegestaan, indien het water gelijkmatig wordt verspreid over het land waarop een gewas wordt geteeld dat gelijk of soortgelijk is aan het gewas waarvan het afvalwater afkomstig is.
4. Het lozen van afvalwater in een vuilwaterriool is verboden, tenzij het gehalte aan onopgeloste stoffen in het te lozen afvalwater ten hoogste 300 milligram per liter bedraagt, en:
a. het afvalwater afkomstig is van het sorteren van uitsluitend biologisch geteelde gewassen, of
b. het is geleid door een zuiveringsvoorziening waarmee ten minste 95% van de gewasbeschermingsmiddelen wordt verwijderd.
5. Het te lozen afvalwater kan op een doelmatige wijze worden bemonsterd.
2. Het lozen van afvalwater in een oppervlaktewaterlichaam is toegestaan, indien:
a. het afvalwater afkomstig is van het sorteren van uitsluitend biologisch geteelde gewassen;
b. het gehalte aan onopgeloste stoffen in het te lozen afvalwater ten hoogste 100 milligram per liter bedraagt, en
c. in het te lozen afvalwater het chemisch zuurstofverbruik ten hoogste 300 milligram per liter en het biologisch zuurstofverbruik ten hoogste 60 milligram per liter bedraagt.
3. Het lozen van afvalwater op of in de bodem is toegestaan, indien het water gelijkmatig wordt verspreid over het land waarop een gewas wordt geteeld dat gelijk of soortgelijk is aan het gewas waarvan het afvalwater afkomstig is.
4. Het lozen van afvalwater in een vuilwaterriool is verboden, tenzij het gehalte aan onopgeloste stoffen in het te lozen afvalwater ten hoogste 300 milligram per liter bedraagt, en:
a. het afvalwater afkomstig is van het sorteren van uitsluitend biologisch geteelde gewassen, of
b. het is geleid door een zuiveringsvoorziening waarmee ten minste 95% van de gewasbeschermingsmiddelen wordt verwijderd.
5. Het te lozen afvalwater kan op een doelmatige wijze worden bemonsterd.