Het bedrag, genoemd in
artikel 9, eerste lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, zoals
die wetlaatstelijk vóór 1 januari 2007 luidde, is voor het tijdvak van 1 juli 2007 tot en met 30 juni 2008:
a. voor een eenpersoonshuishouden als bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel a, van die wet, als de eigenaar-bewoner op de laatste dag van het eerste bijdragejaar van een driejaarstijdvak in de zin van die wet jonger is dan 65 jaar: € 21 125;
b. voor een eenpersoonshuishouden of een eenpersoonsouderenhuishouden als bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel a onderscheidenlijk onderdeel c, van die wet, als de eigenaar-bewoner op de laatste dag van het eerste bijdragejaar van een driejaarstijdvak in de zin van die wet 65 jaar of ouder is: € 36 125 en
c. voor een tweepersoonshuishouden of een tweepersoonsouderenhuishouden als bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel b onderscheidenlijk onderdeel d, van die wet, als de eigenaar-bewoner of degene die tot diens huishouden behoort op de laatste dag van het eerste bijdragejaar van een driejaarstijdvak in de zin van die wet 65 jaar of ouder is: € 50 000.