De schriftelijke kennisgeving, bedoeld in
artikel 5.3, eerste en tweede lid, van de wetbevat in elk geval de volgende informatie:
a. naam en adres van de aanbieder van het openbare elektronische communicatienetwerk;
b. de rechtsgrond van de gedoogplicht;
c. het doel van de kennisgeving;
d. de voorgenomen plaats van de uit te voeren werkzaamheden;
e. het voorgenomen tijdstip van de uit te voeren werkzaamheden;
f. de voorgenomen werkwijze van de uit te voeren werkzaamheden;
g. een omschrijving van de kabels en werken waarop de werkzaamheden betrekking hebben;
h. een omschrijving van de procedure, bedoeld in artikel 5.3, tweede en derde lid, van de wet;
i. vermelding van de termijnen, bedoeld in artikel 5.3, tweede en derde lid, van de wet.