1. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet een collectieve regeling als bedoeld in
artikel 1:3 van de Arbeidstijdenwetvan toepassing is, waarvan de inwerkingtreding ligt voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijft de
Arbeidstijdenwetvan toepassing, zoals die wet luidde op de dag voor inwerkingtreding van deze wet.
2. In afwijking van het eerste lid geldt de toepassing van
Arbeidstijdenwet, zoals deze luidde op de dag voor inwerkingtreding van deze wet, slechts tot het tijdstip waarop de collectieve regeling, bedoeld in het eerste lid, expireert, doch uiterlijk tot een jaar na inwerkingtreding van deze wet.
3. Het eerste of tweede lid geldt niet, indien in de desbetreffende collectieve regeling is voorzien in de toepassing van deze wet.