BWBR0020586
Geldig vanaf 2025-06-28
Artikel 2.3
Wet handhaving consumentenbescherming
1. De Autoriteit Consument en Markt wordt aangewezen als het verbindingsbureau in Nederland.
2. Met betrekking tot inbreuken binnen de Unie op een van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel a van de bijlagebij deze wet, wordt de Autoriteit Consument en Markt aangewezen als bevoegde autoriteit, tenzij de inbreuk binnen de Unie betrekking heeft op een financiële dienst of activiteit.
3. De Autoriteit Consument en Markt heeft mede tot taak de coördinatie van activiteiten van communautair belang, administratieve samenwerking en verslaglegging, bedoeld in de artikelen 30, 31 en 37 van verordening 2017/2394.
4. De Autoriteit Consument en Markt wordt aangewezen als het centrale contactpunt, bedoeld in artikel 18, tweede lid, van Richtlijn (EU) 2015/2302 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende pakketreizen en gekoppelde reisarrangementen, houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 2006/2004 en van Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van Richtlijn 90/314/EEGvan de Raad (PbEU 2015, L 326).
2. Met betrekking tot inbreuken binnen de Unie op een van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel a van de bijlagebij deze wet, wordt de Autoriteit Consument en Markt aangewezen als bevoegde autoriteit, tenzij de inbreuk binnen de Unie betrekking heeft op een financiële dienst of activiteit.
3. De Autoriteit Consument en Markt heeft mede tot taak de coördinatie van activiteiten van communautair belang, administratieve samenwerking en verslaglegging, bedoeld in de artikelen 30, 31 en 37 van verordening 2017/2394.
4. De Autoriteit Consument en Markt wordt aangewezen als het centrale contactpunt, bedoeld in artikel 18, tweede lid, van Richtlijn (EU) 2015/2302 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende pakketreizen en gekoppelde reisarrangementen, houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 2006/2004 en van Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van Richtlijn 90/314/EEGvan de Raad (PbEU 2015, L 326).