Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en voor wat betreft het praktijkonderwijs dat is verbonden aan een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;
b. school voor praktijkonderwijs: school of afdeling voor praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 10f, van de Wet op het voortgezet onderwijs, dan wel een afdeling voor praktijkonderwijs verbonden aan een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
c. arbeidsmarktinstantie: het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen;
d. aanvullende bekostiging: aanvullende bekostiging als bedoeld in artikel 2;
e. leerling: leerling als bedoeld in de artikel 7 van het Bekostigingsbesluit W.V.O. op de peildatum 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarvoor de aanvullende bekostiging wordt verstrekt en waarvan de gegevens zijn gevalideerd door de instellingsaccountant, ingevolge artikel 14a, tweede lid, onder c, en artikel 15b, zesde lid, onder c, van het Bekostigingsbesluit W.V.O.
a. Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en voor wat betreft het praktijkonderwijs dat is verbonden aan een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;
b. school voor praktijkonderwijs: school of afdeling voor praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 10f, van de Wet op het voortgezet onderwijs, dan wel een afdeling voor praktijkonderwijs verbonden aan een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
c. arbeidsmarktinstantie: het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen;
d. aanvullende bekostiging: aanvullende bekostiging als bedoeld in artikel 2;
e. leerling: leerling als bedoeld in de artikel 7 van het Bekostigingsbesluit W.V.O. op de peildatum 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarvoor de aanvullende bekostiging wordt verstrekt en waarvan de gegevens zijn gevalideerd door de instellingsaccountant, ingevolge artikel 14a, tweede lid, onder c, en artikel 15b, zesde lid, onder c, van het Bekostigingsbesluit W.V.O.