Geen andere versie om mee te vergelijken [Regeling vervallen per 23-06-2018] 1 De aanvrager en de uitkeringsgerechtigde voldoen aan een verzoek van het UWV of een daartoe schriftelijk door of vanwege het UWV gemachtigd persoon om ten behoeve van de uitvoering van de WAO , de Wet WIA , de WAZ en de Wajong : a. mondeling of schriftelijk inlichtingen te geven, in het laatste geval binnen twee weken na datum dagtekening van het schriftelijke verzoek daartoe, tenzij het UWV een andere termijn bepaalt. De termijn kan in verband met vakantie op verzoek worden verlengd met de duur van de vakantie; b. inzage te verlenen in en desgevraagd afschrift te verstrekken van boeken, bescheiden, stukken en andere gegevensdragers, voor zover deze betekenis hebben of kunnen hebben voor het vaststellen van het recht op, de hoogte en/of de duur van de uitkering of het bedrag dat daarvan wordt uitbetaald, dan wel betrekking hebben op zijn reïntegratie; c. controle door personen, die daarmee door of namens het UWV zijn belast en die zich met een daartoe strekkende machtiging kunnen legitimeren, mogelijk te maken; daartoe dient hij op zijn woon- of verblijfsadres bereikbaar te zijn, of er zorg voor te dragen dat de met controle belaste personen kunnen vernemen waar hij bereikbaar is; d. op met het UWV afgesproken dagen c.q. uren thuis te zijn en de door of namens het UWV aangewezen personen gelegenheid te geven tot controle. 2 De aanvrager en de uitkeringsgerechtigde bewaren de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde stukken tot het einde van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarop de stukken betrekking hebben. 3 De aanvrager en de uitkeringsgerechtigde die in Nederland wonen, zijn verplicht een vragenformulier van het UWV volledig ingevuld en ondertekend binnen één maand na datum dagtekening van het schriftelijke verzoek daartoe terug te sturen. De termijn kan in verband met vakantie op verzoek worden verlengd met de duur van de vakantie. 4 De uitkeringsgerechtigde die arbeid verricht als zelfstandige, beroepsbeoefenaar of meewerkende echtgenoot legt vóór een door het UWV vastgesteld tijdstip een kopie van de jaarstukken van het jaar voorafgaande aan dat tijdstip over. De beroepsbeoefenaar die niet verplicht is jaarstukken op te stellen, legt in plaats hiervan de aangifte inkomstenbelasting over.