BWBR0019366
Geldig vanaf 2014-05-15
Artikel 4.3
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
1. Met het oog op en passend binnen de doelstelling, bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, komen op de in dat lid genoemde thema’s respectievelijk voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
a) verbetering van de preventie en toegang tot de behandeling van HIV/Aids voor vrouwen, meisjes en kwetsbare groepen;
b) verbetering van de preventie van schadelijke praktijken en verbeterde zorg voor de gevolgen van dergelijke praktijken;
c) verbetering van arbeidsrechten en -omstandigheden en tegengaan van ontbossing en vervuiling in ontwikkelingslanden;
d) versterking van de economische positie van vrouwelijkeondernemers;
e) bestrijding van geweld tegen vrouwen en meisjes, verbeterde toegang tot zorg voor vrouwen en meisjes die slachtoffer zijn van geweld, en ondersteuning van vrouwenrechtenverdedigers en vrouwelijke mensenrechtenactivisten;
f) versterking van de positie van vrouwen in vredes- en veiligheidsprocessen en de bescherming en reïntegratie van slachtoffers van conflictgerelateerd seksueel geweld; of
g) bevordering van de vrijheid van religie en levensovertuiging en de bescherming van religieuze minderheden, alsmede de bevordering en bescherming van gelijke rechten voor lhbtiq+-personen.
2. Met het oog op en passend binnen de doelstelling, bedoeld in artikel 4.2, tweede lid, komen in aanmerking voor subsidie: activiteiten gericht op het versterken van de mate waarin Nederlandse particuliere ontwikkelingsinitiatieven in staat zijn om een bijdrage te leveren aan het behalen van de duurzame ontwikkelingsdoelen.
a) verbetering van de preventie en toegang tot de behandeling van HIV/Aids voor vrouwen, meisjes en kwetsbare groepen;
b) verbetering van de preventie van schadelijke praktijken en verbeterde zorg voor de gevolgen van dergelijke praktijken;
c) verbetering van arbeidsrechten en -omstandigheden en tegengaan van ontbossing en vervuiling in ontwikkelingslanden;
d) versterking van de economische positie van vrouwelijkeondernemers;
e) bestrijding van geweld tegen vrouwen en meisjes, verbeterde toegang tot zorg voor vrouwen en meisjes die slachtoffer zijn van geweld, en ondersteuning van vrouwenrechtenverdedigers en vrouwelijke mensenrechtenactivisten;
f) versterking van de positie van vrouwen in vredes- en veiligheidsprocessen en de bescherming en reïntegratie van slachtoffers van conflictgerelateerd seksueel geweld; of
g) bevordering van de vrijheid van religie en levensovertuiging en de bescherming van religieuze minderheden, alsmede de bevordering en bescherming van gelijke rechten voor lhbtiq+-personen.
2. Met het oog op en passend binnen de doelstelling, bedoeld in artikel 4.2, tweede lid, komen in aanmerking voor subsidie: activiteiten gericht op het versterken van de mate waarin Nederlandse particuliere ontwikkelingsinitiatieven in staat zijn om een bijdrage te leveren aan het behalen van de duurzame ontwikkelingsdoelen.