1. Met ingang van het schooljaar 2006–2007 wordt het grensbedrag toetsingsinkomen, genoemd in
artikel 2.23, tweede lid, van de wet, vastgesteld op € 29.481,90.
2. Met ingang van 1 januari 2006 wordt het grensbedrag toetsingsinkomen, genoemd in
artikel 10.5, tweede lid, van de wet, vastgesteld op € 3.302,38.