BWBR0019161
Geldig vanaf 2013-12-21
Artikel 2.5.4
Regeling subsidies AWBZ
1. Subsidie voor individuele cliëntondersteuning wordt slechts verleend indien de activiteiten van de MEE-organisatie op dit terrein bestaan uit de volgende diensten:
a. dienst A: informatieverstrekking en advisering;
b. dienst B1: vraagverduidelijking;
c. dienst B2: aanvragen en realiseren van externe dienstverlening en zorg;
d. dienst B3: klacht en bezwaar en beroep waaronder ook het voorkomen daarvan;
e. dienst B4: monitoring en evaluatie van externe dienstverlening en zorg;
f. dienst B5: ondersteuning in een crisissituatie;
g. dienst C: volledige beeldvorming;
h. dienst D: kortdurende en kortcyclische ondersteuning, en
i. dienst E: aanbieding van cursussen in groepen.
2. De ten behoeve van 2014 te verlenen subsidie wordt berekend op basis van de volgende normbedragen:
[tabel]
3. De normbedragen voor de diensten A tot en met D hebben betrekking op in het subsidiejaar afgesloten diensten. Het normbedrag voor dienst E heeft betrekking op in het subsidiejaar gegeven cursusbijeenkomsten.
4. De te verlenen subsidie bedraagt het product van het aantal diensten en de in het tweede lid genoemde normbedragen.
5. Subsidie wordt slechts verleend voor zover tussen de MEE-organisatie en het door het Zorginstituut voor hem aangewezen zorgkantoor schriftelijk overeenstemming is bereikt over de omvang van de activiteiten bedoeld in het eerste lid.
6. Indien de gezamenlijke waarde van de in het subsidiejaar gerealiseerde diensten, als bedoeld in het eerste lid, lager is dan de verleende subsidie dan wordt de subsidieverlening dienovereenkomstig verlaagd, met dien verstande dat de aldus herziene subsidieverlening minimaal 90% bedraagt van de aanvankelijk verleende subsidie.
7. Toepassing van het zesde lid leidt niet tot hernieuwde toepassing van artikel 2.5.4a.
a. dienst A: informatieverstrekking en advisering;
b. dienst B1: vraagverduidelijking;
c. dienst B2: aanvragen en realiseren van externe dienstverlening en zorg;
d. dienst B3: klacht en bezwaar en beroep waaronder ook het voorkomen daarvan;
e. dienst B4: monitoring en evaluatie van externe dienstverlening en zorg;
f. dienst B5: ondersteuning in een crisissituatie;
g. dienst C: volledige beeldvorming;
h. dienst D: kortdurende en kortcyclische ondersteuning, en
i. dienst E: aanbieding van cursussen in groepen.
2. De ten behoeve van 2014 te verlenen subsidie wordt berekend op basis van de volgende normbedragen:
[tabel]
3. De normbedragen voor de diensten A tot en met D hebben betrekking op in het subsidiejaar afgesloten diensten. Het normbedrag voor dienst E heeft betrekking op in het subsidiejaar gegeven cursusbijeenkomsten.
4. De te verlenen subsidie bedraagt het product van het aantal diensten en de in het tweede lid genoemde normbedragen.
5. Subsidie wordt slechts verleend voor zover tussen de MEE-organisatie en het door het Zorginstituut voor hem aangewezen zorgkantoor schriftelijk overeenstemming is bereikt over de omvang van de activiteiten bedoeld in het eerste lid.
6. Indien de gezamenlijke waarde van de in het subsidiejaar gerealiseerde diensten, als bedoeld in het eerste lid, lager is dan de verleende subsidie dan wordt de subsidieverlening dienovereenkomstig verlaagd, met dien verstande dat de aldus herziene subsidieverlening minimaal 90% bedraagt van de aanvankelijk verleende subsidie.
7. Toepassing van het zesde lid leidt niet tot hernieuwde toepassing van artikel 2.5.4a.