BWBR0019150
Geldig vanaf 2015-09-15
Artikel 5.20
Regeling Wfsv
1. De totale opbrengsten van de gecombineerde heffing van de loonbelasting en de premies voor de sociale verzekeringen alsmede de daarop betrekking hebbende naheffingsaanslagen, belasting- en invorderingsrente en boeteontvangsten worden uitgesplitst in een voor de afdracht vastgesteld verdeelpercentage per belasting/premiejaar.
2. Het verdeelpercentage wordt maandelijks per belasting/premiejaar door de Minister van Financiën vastgesteld op basis van de over het belasting/premiejaar ontvangen loonaangiften en opgelegde naheffingen.
3. Alle ontvangen gelden over het belasting/premiejaar worden verdeeld op basis van het verdeelpercentage, bedoeld in het eerste lid. De mutatie ten opzichte van de vorige periode vormt het af te dragen bedrag.
4. In het tweede jaar na afloop van het belasting/premiejaar wordt het verdeelpercentage voor het betreffende belasting/premiejaar definitief vastgesteld. Dit percentage wordt gehanteerd voor de definitieve verdeling van de ontvangen gelden over het betreffende belasting/premiejaar voor alle betalingen die daarna worden geïnd.
5. In geval van bijzondere omstandigheden kan de Minister van Financiën, op verzoek van de rijksbelastingdienst, besluiten om de termijn, bedoeld in het vierde lid, te verlengen.
2. Het verdeelpercentage wordt maandelijks per belasting/premiejaar door de Minister van Financiën vastgesteld op basis van de over het belasting/premiejaar ontvangen loonaangiften en opgelegde naheffingen.
3. Alle ontvangen gelden over het belasting/premiejaar worden verdeeld op basis van het verdeelpercentage, bedoeld in het eerste lid. De mutatie ten opzichte van de vorige periode vormt het af te dragen bedrag.
4. In het tweede jaar na afloop van het belasting/premiejaar wordt het verdeelpercentage voor het betreffende belasting/premiejaar definitief vastgesteld. Dit percentage wordt gehanteerd voor de definitieve verdeling van de ontvangen gelden over het betreffende belasting/premiejaar voor alle betalingen die daarna worden geïnd.
5. In geval van bijzondere omstandigheden kan de Minister van Financiën, op verzoek van de rijksbelastingdienst, besluiten om de termijn, bedoeld in het vierde lid, te verlengen.