BWBR0019070
Geldig vanaf 2017-03-28
Artikel 2.28
Besluit Wfsv
1. Voor de toepassing van <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>wordt de persoon die arbeid verricht in een dienstbetrekking in de zin van <a href="/wet/BWBR0008903/artikel/2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2 van de Wet sociale werkvoorziening</a>en die aan de werkgever ter beschikking is gesteld, aangewezen als arbeidsbeperkte, bedoeld in artikel 38g, vierde lid, van de Wfsv.
2. De uitlener kan, voor de berekening van het quotumtekort, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>, verloonde uren van de arbeidsbeperkte die de uitlener aan de inlener ter beschikking stelt, toerekenen aan die inlener.
3. Voor de toepassing van het tweede lid komen de uitlener en inlener, uiterlijk 1 augustus van het jaar volgend op het kalenderjaar waarover de quotumheffing wordt geheven, tot overeenstemming over het aantal toe te rekenen verloonde uren van de arbeidsbeperkte die de uitlener aan de inlener ter beschikking stelt.
4. Indien het derde lid van toepassing is, wordt voor de berekening van het quotumtekort van de inlener, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>variabele C vermeerderd met de toegerekende verloonde uren van de uitgeleende arbeidsbeperkte, mits niet het totaal aantal verloonde uren dat voor de betreffende uitgeleende arbeidsbeperkte in de Polisadministratie staat, is overschreden.
5. Voor de berekening van het quotumtekort van de uitlener, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>, wordt variabele C verminderd met de verloonde uren van uitgeleende arbeidsbeperkten.
6. Voor de toepassing van het vierde en vijfde lid, dient de overeenstemming, bedoeld in het derde lid, als grondslag voor de vaststelling van het aantal verloonde uren dat door de uitlener is toegerekend aan de inlener.
2. De uitlener kan, voor de berekening van het quotumtekort, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>, verloonde uren van de arbeidsbeperkte die de uitlener aan de inlener ter beschikking stelt, toerekenen aan die inlener.
3. Voor de toepassing van het tweede lid komen de uitlener en inlener, uiterlijk 1 augustus van het jaar volgend op het kalenderjaar waarover de quotumheffing wordt geheven, tot overeenstemming over het aantal toe te rekenen verloonde uren van de arbeidsbeperkte die de uitlener aan de inlener ter beschikking stelt.
4. Indien het derde lid van toepassing is, wordt voor de berekening van het quotumtekort van de inlener, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>variabele C vermeerderd met de toegerekende verloonde uren van de uitgeleende arbeidsbeperkte, mits niet het totaal aantal verloonde uren dat voor de betreffende uitgeleende arbeidsbeperkte in de Polisadministratie staat, is overschreden.
5. Voor de berekening van het quotumtekort van de uitlener, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0017745/artikel/38g" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 38g, derde lid, van de Wfsv</a>, wordt variabele C verminderd met de verloonde uren van uitgeleende arbeidsbeperkten.
6. Voor de toepassing van het vierde en vijfde lid, dient de overeenstemming, bedoeld in het derde lid, als grondslag voor de vaststelling van het aantal verloonde uren dat door de uitlener is toegerekend aan de inlener.