BWBR0018979
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 7.1.1
Levensloopregeling rijkspersoneel
1. Op de tot 1 januari 2006 opgebouwde aanspraken op compensatie in vrije dagen blijft het <a href="/wet/BWBR0008344" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 25 november 1996</a>, kenmerk AD96/U1026, (Stcrt. 233), zoals dat luidde op 31 december 2005, van toepassing, voor zover die aanspraken niet zijn omgezet in aanspraken ingevolge de Levensloopregeling rijkspersoneel.
2. De waarde van de gespaarde compensatie in vrije dagen kan op verzoek van de ambtenaar worden toegevoegd aan het levenslooptegoed, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet.
3. De waarde van de gespaarde compensatie in vrije dagen, bedoeld in het tweede lid, wordt berekend op basis van het salaris per uur dat de ambtenaar geniet op de eerste dag van de maand waarin het in het tweede lid bedoelde verzoek is ontvangen.
2. De waarde van de gespaarde compensatie in vrije dagen kan op verzoek van de ambtenaar worden toegevoegd aan het levenslooptegoed, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet.
3. De waarde van de gespaarde compensatie in vrije dagen, bedoeld in het tweede lid, wordt berekend op basis van het salaris per uur dat de ambtenaar geniet op de eerste dag van de maand waarin het in het tweede lid bedoelde verzoek is ontvangen.