BWBR0018979
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 2.1.2
Levensloopregeling rijkspersoneel
1. De per kalenderjaar te sparen voorziening in geld voor levensloopverlof bedraagt ten hoogste 12 procent van het loon over dat jaar.
2. Het in het eerste lid bedoelde maximumpercentage geldt niet voor de ambtenaar die op 31 december 2005 de leeftijd van 51 jaar maar niet de leeftijd van 56 jaar heeft bereikt.
2. Het in het eerste lid bedoelde maximumpercentage geldt niet voor de ambtenaar die op 31 december 2005 de leeftijd van 51 jaar maar niet de leeftijd van 56 jaar heeft bereikt.