Bij het examen vakbekwaamheid voor het besturen van een taxi wordt ten minste de kennis vastgesteld van de in de bijlagegenoemde onderwerpen. Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
1. De bestuurder is vrijgesteld van het theorie-examen, indien de bestuurder in het bezit is van het diploma CCV Taxivervoer, dat is afgegeven vóór 1 augustus 2004.
2. De bestuurder is vrijgesteld van het praktijkexamen, indien de bestuurder in het bezit is van een vóór 1 augustus 2004 afgegeven:
a. CCV certificaat medegebruik vrije tram- en busbanen gemeente Amsterdam;
b. praktijkdiploma CCV Taxivervoer Plus.
3. De bestuurder is vrijgesteld van zowel het theorie-examen als het praktijkexamen indien de bestuurder in het bezit is van:
a. het CCV vakdiploma taxichauffeur, dat is afgegeven vóór 1 juli 2005;
b. het certificaat directiechauffeur (CCV-D1);
c. het CCV diploma ambulancevervoer.