1. De militair van de Koninklijke marechaussee in de uitvoering van de politietaken, bedoeld in
artikel 6 van de Politiewet 1993en andere wetten, is hulpofficier van justitie
a. indien hij officier van de Koninklijke marechaussee is dan wel de functie heeft van: 1°. brigadecommandant of afdelingscommandant;
2°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, ingedeeld bij de Centrale Justitiële Dienst van de Koninklijke marechaussee, de justitiële diensten van de districten van de Koninklijke marechaussee of het Bureau Interne Onderzoeken van de Staf van de Koninklijke marechaussee;
1°. brigadecommandant of afdelingscommandant;
2°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, ingedeeld bij de Centrale Justitiële Dienst van de Koninklijke marechaussee, de justitiële diensten van de districten van de Koninklijke marechaussee of het Bureau Interne Onderzoeken van de Staf van de Koninklijke marechaussee;
b. indien hij onderofficier van de Koninklijke marechaussee is en hij één van de navolgende functies bekleedt en voor zolang hij als zodanig optreedt: 1°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, die is aangewezen als vervanger van de brigadecommandant of afdelingscommandant;
2°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, aangewezen als commandant dienstploeg;
3°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, aangewezen als Hoofd Doorlaatpost of belast met de inbewaringstelling van vreemdelingen.
1°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, die is aangewezen als vervanger van de brigadecommandant of afdelingscommandant;
2°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, aangewezen als commandant dienstploeg;
3°. adjudant-onderofficier of opperwachtmeester, aangewezen als Hoofd Doorlaatpost of belast met de inbewaringstelling van vreemdelingen.
2. Als hulpofficier van justitie kunnen ook optreden de militairen van de Koninklijke marechaussee die zijn toegelaten tot de tweede fase van de opleiding hulpofficier van justitie en die het eerste deel van de proeve van bekwaamheid met goed gevolg hebben afgelegd, gedurende de tweede opleidingsfase, voor de duur van maximaal zes maanden en onder verantwoordelijkheid van een gecertificeerd hulpofficier van justitie.